(geschreven en voorgedragen voor de huwelijksjubilarissen van de gemeente Middelburg)
Mijn naam is Michael van Oostende.
Ik ben 34 jaar oud en inmiddels 13 jaar getrouwd.
Je zou kunnen zeggen: mijn huwelijk zit in de puberteit.
Jullie huwelijken daarentegen zitten zo rond de welverdiende pensioenleeftijd:
zestig en vijfenzestig jaar samen.
Dan heeft een huwelijk al aardig wat moeten doorstaan.
Het heeft de Beatles zien verdwijnen
en Roxy Dekker zien verschijnen.
Al weet ik niet of iedereen hier weet wie dat is,
voor wie kleinkinderen heeft: Misschien kunt u het hen eens vragen.
Jullie huwelijk heeft oorlogen, rampen, veranderingen,
en de eeuwige strijd om de afstandsbediening overleefd.
Het overleefde de shagrokende schoonvaders
en de asbak op tafel.
Het trotseerde het bruine jaren-zeventig behang
en het gehaakte wc-rol-hoedje.
Al begrijp ik nog steeds niet helemaal
waar die eigenlijk voor diende.
Het hield stand tijdens de strijd om wie er met de vaste telefoon mocht bellen.
En het doorstond de paniek bij de komst van de eerste magnetron,
de eerste mobiele telefoon, de eerste huwelijkse ruzie,
en de eerste keer dat je zag dat het weer goed kon komen.
Jullie huwelijk heeft de wachttijd bij het ontwikkelen van het fotorolletje overleefd,
en zag hoe dat zich evolueerde in een tijd
waarin we het wachten verleerd zijn
en ieder wachtend ogenblik doorbrengen
met een telefoon in de hand.
Jullie huwelijk overleefde de frustratie van cassettebandjes die vastliepen
en met een potlood weer op gang moesten worden gebracht,
maar het leerde daardoor ook dat dingen die het even niet meer deden,
altijd weer gemaakt konden worden.
Mijn oma, die inmiddels niet meer leeft, zei ooit tegen mij:
“Michael, een huwelijk rust op twee pijlers: liefde en trouw.
Soms lijkt de liefde even ver te zoeken,
maar dan heb je altijd die andere nog: de trouw.”
En als jullie huwelijk al zóveel stormen, hypes en generaties heeft doorstaan,
dan is er maar één conclusie mogelijk:
Mijn oma had gelijk,
liefde en trouw,
ze zijn sterker dan de tijd.