'Galerie Ron Krepel'

Middelburg- Iedere eerste zondag van de maand zetten de deelnemers van de Kunst en Cultuurroute Middelburg hun deuren open zodat u een kijkje achter de schermen kunt nemen. Maar wie zijn die deelnemers? En wie zijn de organisatoren van de thema’s die zes keer per jaar plaatsvinden? Hanny Mallekote stelt ze aan u voor in een reeks gesprekken speciaal voor De Bode.

Door Hanny Mallekote

Deze keer is het de beurt aan

  • Ron Krepel, beeldend kunstenaar, Maarssen,1959
  • Opleidingen; Academie Beeldende Kunst te Rotterdam
  • Bezoekadres Korendijk 10
  • T. 626 605
  • E. ronniekrepel@hotmail.com
  • W. www.ronniekrepel.nl/
  • Open tijdens de route, op zaterdag van 12:00 tot 17:00 en op afspraak

Na je middelbare school vertrok je uit Middelburg om aan de Academie Beeldende Kunst in Rotterdam te gaan studeren. Niet direct een opleiding met een financieel aantrekkelijk vooruitzicht. Hoe dacht men daar thuis over?

Mijn ouders vonden dat ik eerst de Pedagogische Academie moest afmaken maar ik voelde me na twee jaar nog steeds niet op mijn gemak voor de klas en schreef me uiteindelijk in voor de Academie Beeldende Kunst. Vanaf dat moment accepteerden ze het, ze zagen dat ik in mijn element was. Ik ging het huis uit en werd zelfstandig. Ik geef inmiddels wel weer schilderles, maar dat is voor een klein groepje geïnteresseerden..

Na je opleiding ben je 28 jaar in Rotterdam gebleven en pas in 2007 teruggekeerd naar Middelburg. Na een grondige verbouwing heb jij je woning opengesteld als galerie tijdens de K&C route. Vertel daar eens iets over, wat treft de bezoeker aan en hoe ervaar je het zelf?

Naar Middelburg teruggaan was wel het laatste wat ik had verwacht maar mijn vrouw Saskia en ik vielen voor het pandje aan de Korendijk en ik zag een mogelijkheid om m’n droom van een eigen expositieruimte te verwezenlijken. Het verbouwen duurde een jaar langer dan we dachten maar nu is de galerie alweer een tijdje open. Het is heerlijk zelf contact te hebben met kijkers en kopers, hun reacties leren me veel over mijn eigen schilderijen. Het zorgt ervoor dat ik geen geïsoleerde kunstenaar wordt, dat was altijd het schrikbeeld voor mij. Sinds kort hangt er ook werk van gastexposanten. Ik vind het leuk werk van anderen dat ik mooi vind te laten zien, met ze erover van gedachten te wisselen en het houdt me scherp want mijn eigen werk hangt ernaast. Voor vaste bezoekers is het ook boeiend, de galerie krijgt er een levendig gezicht mee.

De afbeeldingen die je schildert zijn realistisch en het lijkt alsof je er zelf bij was maar de tijd waarin het zich afspeelt lijkt lang geleden en ver voor jouw tijd. Hoe komt dat?

Dat komt omdat ik vaak oude foto’s gebruik. Het heeft met de sfeer in mijn werk te maken, ik zoek naar zuiverheid en onschuld in een voorstelling. Ik ga soms ver terug in de tijd voor de afbeeldingen die ik zoek, laatst heb ik bijvoorbeeld een foto van een oude man en zijn vrouw nageschilderd. Een veteraan van de slag bij Waterloo. Het is alsof hij je aankijkt vanuit de prehistorie, iemand die nog voor de fotografie bestond werd geboren. Door hem na te schilderen komt hij dichterbij, ik haal hem naar me toe als het ware. Dat vind ik mooi.

Je schildert met olieverf maar je werk oogt heel transparant en luchtig. Vertel daar eens iets over?

Die oude foto’s lijken te leven door de beschadigingen en onscherpheden en je kijkt naar een voorbije wereld. Het fascineert me dat je die kan zien maar nooit meer kunt terughalen, je hebt alleen overblijfselen en die lichtvlekken op papier. Daar maken we een hele wereld mee in ons hoofd, hoe langer ik kijk hoe meer ik me ga verwonderen. Dat wil ik in mijn schilderijen laten zien. Dat transparante heeft daarmee te maken, het verleden kun je niet vastpakken. Verder heeft het ook een technische oorzaak. Ik schilder traditioneel, laag over laag opgebouwd en met “toetsen” in plaats van vegen. Dat houdt het oppervlak van de verf licht, ook al is het vette olieverf. De uitdaging is steeds om de afbeelding als het ware los te laten komen van het doek.

Naast beeldend kunstenaar was je lange tijd muzikant. Wat voor muziek maakte je?

Popmuziek, ik speelde bas in een band. We vonden het prachtig om muziek te verzinnen, op te nemen en zelf uit te geven. En dan in een busje Europa door, we kwamen op de gekste plekken. Muziek is de beste manier om je creativiteit te testen voor publiek. Ik ontwierp ook de hoezen, decors en boekjes maar begon het schilderen toch te missen en ging uiteindelijk uit de band. Nu mis ik dat “bandjesgevoel” wel eens maar pas nog steeds toe nog wat ik toen geleerd heb: zoveel mogelijk zelf doen, mensen ontmoeten en plezier hebben in wat je maakt. Mijn galerie is nu mijn podium.

Je werkt 4 dagen per week in Rotterdam. Is dat alles bij elkaar niet erg zwaar?

Soms wel ja. Maar het geeft me ook vrijheid voor mijn kunst. Door die financiële basis kom ik niet in de verleiding te maken wat ik denk dat anderen willen zien, behalve voor een opdracht natuurlijk. En dat werkt, want mijn meest eerlijke schilderijen worden ook het meest gewaardeerd. Mensen voelen het of een kunstenaar oprecht is in zijn werk. Het is het dus waard, die baan, maar een dagje per week minder zou fijn zijn!


volgende update: 21-01-2010 © Stichting Kunst & Cultuurroute Middelburg volgende route 7 maart 2010 - kind en kunst